“Scharrel(ende) kippen”………..

Marina!!! ! ,hoor ik Riny vanaf de “Poggio” roepen, “tante Alie staat aan de deur. Wat? Nu al.

Het is maandagochtend en tijd voor mijn inburgeringscursus op locatie. Zelden is er zo veel bedrijvigheid als op deze dag van de week en daar maak ik meestal dankbaar gebruik van. Ik zorg er altijd voor dat ik wat klusjes rondom het huis te doen heb zodat ik het leven hier nauwlettend in de gaten kan houden. Zo ook op deze morgen is iedereen hier net als ik met van alles en nog wat bezig en dat maakt dat ik het voor het uitkiezen heb met wie en waarover er zoal een praatje gemaakt wordt. Daarnaast komt rond 11.00 uur de “ambulante”, het hoogtepunt van de dag waar iedereen reikhalzend naar uit ziet. En al heb ik er niets te zoeken, braaf sta ik in de rij tussen de “Sassese” om mijn Euro (steuntje) bij te dragen. Aan mij zal het niet liggen. Ik zie al die Brussel miljarden hier sowieso in een fractie voorbijkomen, laat staan dat er iets overblijft. Want waar zouden de hooggelegen dorpen zijn zonder deze nog steeds rijdende marskramers die in hun eerste behoeftes voorzien. De ezels zijn al lang vervangen door supermoderne rijdende kramen en ondanks dat bijna iedereen hier wekelijks naar de grote supermarkt rijdt, wordt deze vorm van handel drijven niet alleen op prijs gesteld maar wordt er ook nog steeds driftig gebruik van gemaakt. Al is het maar om elkaar te zien en te spreken. Dat het daarbij ook nog eens de kassa spekt van de ambulant maakt het compleet.

“Tante Alie” dus. En nee, geen bezoek uit Nederland, het is onze overbuurvrouw die ik stilletjes zo noem. Ze doet mij namelijk sterk denken aan mijn oud tante Alie die inmiddels al weer heel wat jaartjes geleden het tijdelijke voor het eeuwige heeft verruild.

Om vandaag op tijd te kunnen beginnen aan mij inburgering ben ik vroeg opgestaan en vanaf 7 uur vanochtend in de tuin bezig waar ik voornamelijk stenen naar de zee draag. Het lijkt wel alsof deze grond enkel stenen en onkruid voortbrengt.
Na nog snel de zoveelste kei uit de grond te hebben gewipt roep ik zo hard ik kan “arrivo” en snel ik naar beneden waar ze geduldig op mij staat te wachten.

Niet alleen voor een praatje want dat doen de Garfagnini niet zomaar. Nee, ze heeft een reden gevonden om dat praatje vooraf te laten gaan door ons te verrassen met kakelverse eieren. Elke morgen en avond, dag in dag uit scharrelt ze zichzelf ondersteunend met haar stok naar het verderop gelegen kippenhok dat van haar broer blijkt te zijn. Die schijnt ergens in een dorp verderop te wonen. Waarom die beesten hier gestald zijn is mij nog steeds een raadsel maar voor “tante Alie” is het een dagelijks verzetje. En….zo kom je nog eens bij je buren. De laatste twee weken zijn we dus bedolven onder de eieren. Weigeren of zeggen dat we niet van eieren houden is geen optie. Dus nee zeggen is er niet bij. Jullie werken zo hard in de tuin dus moet er goed gegeten worden, zegt ze terwijl ze mij met een grote glimlach het bakje eieren aanreikt. En dat niet alleen, ook krijg ik nog diverse recepten toegeschoven waarbij geen enkel ei ontbreekt. 

“Tante Alie”, luistert naar de mooie klassieke naam Fulvia, telt drieëntachtig lentes, is weduwe en woont samen met haar enige zoon in het huis schuin tegenover ons. Een schoondochter en kleinkinderen ontbreken. Verder aan familie geen gebrek. Ik ben er in die korte tijd dat ik in Sassi woon achter gekomen dat het hier één grote familie is. Hoe zich dat verhoudt laat ik in het midden. 

En nu blijken wij daar ook een beetje deel van uit te maken. Want, zo vertelt ze, is ze best trots op die Olandesi, die niet alleen hier een huis hebben gekocht maar dat ook nog eens permanent bewonen. Zomer en winter, in voor- en tegenspoed. Harde werkers noemt ze ons, niet te beroerd om de handen uit de mouwen te steken en zich gedragen alsof ze een van ons zijn. Terwijl het vaccin in onze beide lijven zijn best doet enige immuniteit te kweken weerhoudt het mij er niet van haar voor deze mooie woorden te bedanken met een dikke knuffel die ze zonder enige twijfel in ontvangst neemt.

In de verte kondigt de ambulante zich inmiddels aan en is het tijd om al deze goedbedoelde veren van mij af te schudden en na een handkus en “a doppo” nemen we afscheid en gaat het doek open voor het tweede bedrijf.

Deze post heeft een reactie

  1. Wat Lief van haar nu maar veel bakken.

Geef een reactie

Sluit Menu